HETPALEIS
 
 
divider
Verwerking

DE STORM - SAMENVATTING VAN HET VERHAAL

Prospero, de verbannen hertog van Milaan, woont samen met zijn beeldschone dochter Miranda op een eiland. Hij is twaalf jaar geleden door zijn broer Antonio en de koning van Napels, Alonso, weggejaagd uit Milaan. Nu gebruikt Prospero zijn toverkracht, gesymboliseerd door zijn mantel, om te heersen over het eiland en de wezens die daar wonen: de ‘luchtgeest’ Ariel en de ‘wilde’ Caliban.

Caliban is de zoon van een heks, Sycorax, die vroeger de baas was over het eiland. Sycorax sloot Ariel op in een holle boom. Prospero kon door zijn toverkunst de vele goede geesten van het eiland, waaronder Ariel bevrijden. Hierdoor werden de geesten gehoorzaam aan de wil van Prospero.
Caliban, meer aap dan mens, erfde het slechte karakter van zijn moeder Sycorax. Ooit probeerde hij Miranda te verkrachten. Als straf behandelt Prospero hem als een slaaf. Doordat Prospero de geesten naar zijn hand kan zetten, kan hij met hun hulp heersen over de wind en de golven van de zee.

Op een dag vaart het schip van Alonso met zijn hele hofhouding langs het eiland. Prospero laat het schip met behulp van Ariel en zijn toverkracht vergaan in een storm. De schipbreukelingen zijn de koning van Napels, Alonso, zijn zoon Ferdinand, zijn broer Sebastiano, zijn raadsman Gonzalo, de nar Trinculo, de dronken schenker Stefano en Prospero’s gewraakte broer Antonio. Ze spoelen aan op verschillende delen van het eiland.

Ferdinand is in zijn eentje aangespoeld. Als hij Prospero’s dochter Miranda ziet, wordt hij meteen stapelverliefd op haar, en zij ook op hem. Prospero, die de liefde tussen Ferdinand en zijn dochter meteen doorziet, besluit om hun liefde op de proef te stellen door Ferdinand zwaar werk te laten verrichten. Hij behandelt de koningszoon op een gelijkaardige manier als zijn slaaf Caliban. Miranda komt in een gewetensstrijd terecht: ze wil haar vader niet ongehoorzaam zijn, maar ze is ook erg verliefd op Ferdinand. Prospero houdt hen in de gaten en constateert dat Ferdinand de geschikte huwelijkskandidaat is voor zijn dochter: door een huwelijk met Ferdinand zal zij koningin worden van Napels.

Ondertussen bedenken Antonio en Sabastiano een plan om koning Alonso en de raadsheer Gonzalo te vermoorden. Op die manier kan Sebastiano aanspraak maken op de troon, want ze denken dat Ferdinand verdronken is tijdens de storm.

Caliban loopt Trinculo en Stefano tegen het lijf en denkt dat deze onbekende mannen goden zijn, omdat ze in het bezit zijn van een wonderbaarlijke drank: wijn. Hij probeert met hen een moord op Prospero voor te bereiden om zo opnieuw baas te zijn over zijn eiland.

Allebei de aanslagen mislukken. Ariel herinnert de boosdoeners aan het vreselijke onrecht dat zij Prospero hebben aangedaan. Antonio, de valse broer, krijgt oprecht berouw en in een laatste samenkomst vergeeft Prospero alle boosdoeners. Ook de verdronken gewaande Ferdinand komt op de proppen, die zijn vader Alonso weer in de armen kan sluiten.
Voordat Prospero het eiland verlaat, maakt hij zijn belofte om de goede geest Ariel vrij te laten waar. Ook Caliban laat hij vrij, die als enige op het eiland overblijft.
Prospero begraaft zijn toverboeken en toverstaf diep in de grond. Nu, nadat hij zich verzoend heeft met zijn broer Antonio en de koning van Napels, blijft er niets anders meer over dan terug te keren naar zijn geboorteland om zijn hertogdom weer in bezit te nemen en getuige te zijn van het gelukkige huwelijk van zijn dochter Miranda met prins Ferdinand.

 

[ naar Verwerking... ]